Home Introduction Persons Geogr. Sources Events Mijn blog(Nederlands)
Religion Subjects Images Queries Links Contact Do not fly Iberia
This is a non-commercial site. Any revenues from Google ads are used to improve the site.

Custom Search
Quote of the day: Tiberius too thoroughly understood the a
Notes
Display Latin text
Display Dutch text
The Gallic War (De Bello Gallico) by Julius Caesar
Translated by Alfred John Church and William Jackson Brodribb
Book IV Chapter 25: Caesar in Britain. Landing problems solved.[55 BC]
Next chapter
Return to index
Previous chapter
When Caesar observed this, he ordered the ships of war, the appearance of which was somewhat strange to the barbarians and the motion more ready for service, to be withdrawn a little from the transport vessels and to be propelled by their oars, and be stationed toward the open flank of the enemy, and the enemy to be beaten off and driven away, with slings, arrows and engines: which plan was of great service to our men; for the barbarians being startled by the form of our ships and the motions of our oars and the nature of our engines, which was strange to them, stopped, and shortly after retreated a little. And while our men were hesitating [whether they should advance to the shore], chiefly on account of the depth of the sea, he who carried the eagle of the tenth legion, after supplicating the gods that the matter might turn out favorably to the legion, exclaimed, "Leap, fellow soldiers, unless you wish to betray your eagle to the enemy. I, for my part, will perform my duty to the common-wealth and my general." When he had said this with a loud voice, he leaped from the ship and proceeded to bear the eagle toward the enemy. Then our men, exhorting one another that so great a disgrace should not be incurred, all leaped from the ship. When those in the nearest vessels saw them, they speedily followed and approached the enemy.

Event: Caesar in Britain

Caesar in Brittania. Landingsproblemen opgelost.

4.25 Zodra Caesar dat had bemerkt, liet hij de oorlogsschepen, die voor de buitenlanders zowel een ongebruikelijker uiterlijk als ook een grotere wendbaarheid hadden, een stukje van de vrachtschepen terugwijken, met de roeiriemen aandrijven, aan de onbeschermde kant van de vijanden zich opstellen en vandaaruit met slingers, pijlen, katapulten de vijanden voortjagen en terugdrijven. En dit pakte voor onze soldaten goed uit. De buitenlanders immers werden door de vorm van de schepen, de beweging van de roeiriemen en het ongebruikelijke type katapult in de war gebracht, bleven staan en deden, ook al was dat maar weinig, een stap terug. Toen daarentegen onze soldaten vooral door de diepe zee aarzelden, bezwoer de soldaat die het adelaarsvaandel van het tiende legioen droeg, de goden opdat deze actie voor zijn legioen goed afliep, en zei: "Spring van de boten, medestrijders, als jullie het adelaarsvaandel niet in handen van de vijand willen laten vallen! Ik zal in ieder geval mijn plicht hebben gedaan voor de staat en voor mijn veldheer." Toen hij dit luid en duidelijk had gezegd, liet hij zich van het schip vallen en begon het adelaarsvaandel in de richting van de vijand te dragen. Daarop spoorden onze soldaten elkaar aan om niet zo'n grote schande te begaan en sprongen allen tezamen van boord. Toen ook anderen vanuit de schepen direct ernaast hen dat hadden zien doen, volgden zij hen onmiddellijk en kwamen de vijand naderbij.