Home Introduction Persons Geogr. Sources Events Mijn blog(Nederlands)
Religion Subjects Images Queries Links Contact Do not fly Iberia
This is a non-commercial site. Any revenues from Google ads are used to improve the site.

Custom Search
Quote of the day: Thus utterly regardless of all law human
Notes
Display Latin text
Display Dutch text


Ovid XIV Chapter 18: 772-804 War and reconciliation with the Sabines
Next chapter
Return to index
Previous chapter
Now unjust Amulius rules Ausonia, by means of military power, and old Numitor, with his grandson Romulus's help, captures the kingdom he has lost, and the city of Rome is founded, on the day of the Palilia. The Sabine leaders, and their king Tatius, wage war, and Tarpeia who gives them access to the citadel, is punished as she deserves, stripped of her life, crushed by a heap of weapons. Then the men of Cures, with hushed voices, silently, like wolves, overcome the Romans, whose bodies are lost in sleep, and attempt the gates that Romulus, son of Ilia, has closed, and firmly barred. Saturnian Juno herself unbarred a gate, opening it silently on its hinges. Only Venus saw that the gate's bars had dropped, and would have closed it, except that one god is never allowed to reverse the actions of another. The Ausonian Naiads, owned a spot, adjoining the temple of Janus, moistened by a cold spring. Venus asked them for help: the nymphs did not refuse her just request, and elicited the aid of the streams, and watercourses, belonging to their fountain. But the pass of Janus was still not blocked, and the water did not bar the way: they placed yellow sulphur under their copious spring, and heated the hollow channels with burning pitch. By these and other means the vapour penetrated the depths of the spring, and you waters that a moment ago dared to compete with Alpine coldness, now did not concede to fire itself! The twin gateposts smouldered under a fiery spray, and the gate, that vainly promised an entrance to the tough Sabines, was blocked by the new waters, while the Roman soldiers took up their weapons of war. After this Romulus sallied out, and the Roman soil was strewn with the Sabine dead, and with Rome's own, and the impious sword mixed the blood of son-in-law with the blood of father-in-law. Yet it was decided not to fight it out to the end, to let peace end war, and that Tatius should share the rule of Rome.

Event: First war of Rome with the Sabines. Tarpeia.

Na Proca heerste Amulius met brute legerkracht in het Ausonische rijk. Toen kreeg de oude Numitor de macht terug dankzij zijn kleinzoon. Op het feest van Pales werd Rome’s stad gesticht. Daarop volgde een oorlog met de Sabijnen en Tatius. Tarpeia, die de weg naar het Capitool verraden had, vond een verdiende dood onder de schilden van de Sabijnen.

Opnieuw slopen er zonen van Sabijnen, als stille wolven, onhoorbaar naar de stadspoort die door Romulus met grendels goed was afgesloten om daar de slapende stad te overvallen. Toch was er een poort weer ontgrendeld, zonder scharnier- of deurgeknars, en dit had Juno geklaard. De enige die iets gemerkt had van de open poort was Venus, en zij zou ze graag gesloten hebben, maar een god mag nooit iets veranderen aan wat andere goden hebben verricht…

Dus riep zij de hulp in van nimfen, de Ausonische Najaden, die een koele bron dicht bij de Januspoort bewonen. Ze gingen in op het verzoek van de godin: ze deden fonteinen uit al hun waterbronnen stromen maar de toegang van Janus’ poort bleef nog altijd open. Daarom vulden zij hun rijke bron met vuilgeel zwavel en maakten met rokend pek de holle aderen warm. Door dit soort krachten lieten ze hete dampen werken diep onder de grond, zodat hun bron, die eerst zo koud was als een Alpenbeek, nu zelfs niet voor de hitte van vuur moest onderdoen. De houten deuren rookten door de hete dampen. Juno had dan toch voor niets de poort geopend voor die stugge Sabijnen, want de nieuwe bron beschermt de stad van Mars zolang men niet paraat is. Toen Romulus als eerste een uitval had gedaan, toen Rome’s bodem bezaaid lag met lijken van Sabijnen en Romeinen en toen het bloed van vaders en echtgenoten door het boze zwaard vermengd was, wilde men de strijd toch staken. Liever vrede dan alleen maar vechten, en aan Tatius werd koninklijke macht verleend.