Home Introduction Persons Geogr. Sources Events Mijn blog(Nederlands)
Religion Subjects Images Queries Links Contact Do not fly Iberia
This is a non-commercial site. Any revenues from Google ads are used to improve the site.

Custom Search
Quote of the day: It was Augustus who first, under colour
Notes
Display Vulgate text
Display Statenvertaling
The New Testament

Second letter of Peter Chapter 3
Next chapter
Return to index
Previous chapter
1 This second epistle, beloved, I [Note 1] now write unto you; in both which I stir up your pure minds by way of remembrance:
2 That ye may be mindful of the words which were spoken before by the holy prophets and of the commandment of us the apostles of the Lord and Saviour
3 Knowing this first, that there shall come in the last days scoffers, walking after their own lusts,
4 And saying, Where is the promise of his coming? for since the fathers fell asleep, all things continue as they were from the beginning of the creation.
5 For this they willingly are ignorant of, that by the word of God the heavens of old, and the earth standing out of the water and in the water:
6 Whereby the world that then was, being overflowed with water, perished:
7 But the heavens and the earth, which are now, by the same word are kept in store, reserved unto fire against the day of judgment and perdition of ungodly men.
8 But, beloved, be not ignorant of this one thing, that one day is with the Lord as a thousand years, and a thousand years as one day.
9 The Lord is not slack concerning his promise, as some men count slackness; but is longsuffering to us-ward, not willing that any should perish, but that all should come to repentance.
10 But the day of the Lord will come as a thief in the night; in the which the heavens shall pass away with a great noise, and the elements shall melt with fervent heat, the earth also and the works that are therein shall be burned up.
11 Seeing then that all these things shall be dissolved, what manner of persons ought ye to be in all holy conversation and godliness,
12 Looking for and hasting unto the coming of the day of God, wherein the heavens being on fire shall be dissolved, and the elements shall melt with fervent heat?
13 Nevertheless we, according to his promise, look for new heavens and a new earth, wherein dwelleth righteousness.
14 Wherefore, beloved, seeing that ye look for such things, be diligent that ye may be found of him in peace, without spot, and blameless.
15 And account that the longsuffering of our Lord is salvation; even as our beloved brother Paul also according to the wisdom given unto him hath written unto you;
16 As also in all his epistles, speaking in them of these things; in which are some things hard to be understood, which they that are unlearned and unstable wrest, as they do also the other scriptures, unto their own destruction.
17 Ye therefore, beloved, seeing ye know these things before, beware lest ye also, being led away with the error of the wicked, fall from your own stedfastness.
18 But grow in grace, and in the knowledge of our Lord and Saviour Jesus

Note 1: I = Peter

Event: Last Judgement

2 Petrus 3

1Dezen tweeden zendbrief, geliefden, schrijf ik nu aan u, in welke beide ik1) door vermaning2) uw oprecht3) gemoed opwekke;4)
2Opdat gij gedachtig zijt aan de woorden, die van de heilige profeten te voren gesproken zijn,5) en aan ons gebod, die des6) Heeren en Zaligmakers apostelen zijn;
3Dit eerst wetende,7) dat in het laatste der8) dagen spotters komen zullen,9) die naar hun eigen begeerlijkheden zullen wandelen,
4En zeggen: Waar11) is de belofte12) Zijner toekomst?13) Want van dien dag, dat de vaders14) ontslapen zijn,15) blijven alle dingen alzo gelijk16) van het begin der schepping.
5Want willens is dit17) hun onbekend, dat door het woord18) Gods de hemelen van over lang geweest zijn, en de aarde uit het water en19) in het water bestaande;20)
6Door welke21) de wereld,22) die toen was, met het water van den zondvloed bedekt zijnde,23) vergaan is.
7Maar de hemelen, die nu zijn, en de aarde, zijn door hetzelfde woord als een schat weggelegd,24) en worden ten vure bewaard25) tegen den dag des oordeels,26) en der verderving der goddeloze mensen.
8Doch deze ene zaak zij u niet onbekend, geliefden, dat een dag bij den27) Heere is als duizend jaren, en duizend jaren als een dag.
9De Heere vertraagt de belofte28) niet (gelijk enigen dat traagheid achten),29) maar is lankmoedig over ons, niet willende,30) dat enigen verloren gaan,31) maar dat zij allen32) tot bekering komen.33)
10Maar de dag des Heeren34) zal komen als een dief35) in den nacht, in welken de hemelen36) met een gedruis37) zullen voorbijgaan, en de elementen branden39) zullen en vergaan, en de aarde40) en de werken, die daarin zijn,41) zullen verbranden.42)
11Dewijl dan deze dingen alle vergaan,43) hoedanigen behoort44) gij te zijn in heiligen wandel en godzaligheid!
12Verwachtende en45) haastende tot de46) toekomst van den dag Gods,47) in welken de hemelen,48) door vuur ontstoken49) zijnde, zullen vergaan, en de elementen brandende zullen versmelten.
13Maar wij verwachten, naar Zijn belofte, nieuwe hemelen50) en een nieuwe aarde, in dewelke51) gerechtigheid52) woont.53)
14Daarom, geliefden, verwachtende deze dingen, benaarstigt u, dat gij onbevlekt en onbestraffelijk54) van Hem55) bevonden moogt worden56) in vrede;57)
15En acht de lankmoedigheid58) onzes Heeren voor zaligheid;59) gelijkerwijs ook onze geliefde broeder Paulus, naar de wijsheid, die hem gegeven is, ulieden geschreven60) heeft;
16Gelijk ook in alle zendbrieven, daarin van deze dingen61) sprekende; in welke sommige dingen zwaar zijn om te verstaan, die de ongeleerde en64) onvaste mensen65) verdraaien, gelijk66) ook de andere Schriften, tot hun eigen verderf.67)
17Gij dan, geliefden, zulks te voren wetende,68) wacht u, dat gij69) niet door de verleiding der gruwelijke70) mensen mede afgerukt wordt, en71) uitvalt72) van uw vastigheid;
18Maar wast op in de74) genade en kennis van onzen Heere en Zaligmaker Jezus Christus. Hem zij de heerlijkheid,75) beide nu en76) in de dag der77) eeuwigheid. Amen.