Home Introduction Persons Geogr. Sources Events Mijn blog(Nederlands)
Religion Subjects Images Queries Links Contact Do not fly Iberia
This is a non-commercial site. Any revenues from Google ads are used to improve the site.

Custom Search
Quote of the day: A weak intellect was against him.
Notes
Display Latin text
Display Dutch text


Ovid XIV Chapter 8: 435-444 Caieta's epitaph
Next chapter
Return to index
Previous chapter
'I heard many such stories, and saw many things throughout that long year. Sluggish and torpid, through inactivity, we were commanded to spread the sails and travel the seas again. Circe, the Titan's [Note 1] daughter, had told us of the fierce dangers of the seas to come, the dangerous channels, and the vast reaches: I confess I was afraid, and finding this shore, I clung to it.' Macareus had done. Aeneas's nurse, Caieta, was interred in a marble urn, having a brief epitaph carved on her tomb: HERE HE WHOM I, CAIETA, NURSED, WHO, NOTED FOR HIS PIETY, SAVED ME FROM ACHAEAN FIRE, AS IS RIGHT, CREMATED ME.

Note 1: Titan = Sol

Zo hoorde ik, tijdens mijn lang verblijf daar, veel dergelijke dingen, en ik heb er zelfs met eigen ogen aanschouwd! Verzwakt en niet meer gewend om te werken moesten we de zee weer op, weer de zeilen hijsen. Door Circe waren we gewaarschuwd voor een lange en riskante reis, voor woeste zee en vele gevaren, en uit angst - dat beken ik eerlijk - ben ik op deze kust van boord gegaan." Na dit verhaal zweeg Macareus.

De urn van Aeneasí voedster werd bijgezet met op een marmerplaat dit kort gedicht: "Hier ligt Caieta. Door een vrome held, haar pleegzoon, werd ze gered uit Griekse vlammenzeeŽn en met dodenvuur geŽerd."